Juma'ah

“(Zelfs) als je jouw metgezel vraagt om stil te zijn terwijl de imam aan het preken is op jumu’ah, heb jij je schuldig gemaakt aan ijdel gepraat.”
(Abu Huraira)

Vrijdagpreek (Khoutba Juma’ah, خطبة جمعہ)

Voor de genen die Khoutba Juma’ah niet kunnen bijwonen bied Moskee Sounnat de mogelijk om Khoutba Juma’ah ( door Imam AbdelHafid) via de live stream te volgen en start met Dohr.

 

Volg ons hier live


 

Het Juma’ah vrijdaggebed in de moskee.

 

Alle lof zij Allah en vrede en zegeningen zij met Zijn Profeet, diens familie en metgezellen. Er zijn vele overleveringen afkomstig van de Profeet (vrede zij met hem) die duiden op de voortreffelijkheid van het vrijdaggebed. Enkele voorbeelden hiervan zijn:

 

Het belang van het bijwonen van het vrijdaggebed “O, jullie die geloven! Wanneer de oproep voor het gebed op de vrijdag wordt gedaan, kom dan voor de overdenking van Allah en laat je zaken, dat is beter voor jullie als jullie het maar weten!” (Qoer-aan surah Al-Djoemoe’ah: ayah 9)

 

Het vrijdaggebed (djoemoe’ah-gebed) heeft een uiterst hoge waarde in de islam. Het heeft zijn eigen moreel, sociaal en politiek belang. Het is voor alle moslims verplicht. Voor ernstig zieken, reizigers en slaven is het niet verplicht, zij kunnen het djoemoe’ah bidden maar zijn er niet toe verplicht. De Profeet Mohammed (moge Allah’s vrede en zegeningen met hem zijn) heeft felle waarschuwingen gegeven aan degenen die zonder goede reden het djoemoe’ah-gebed overslaan. In een hadiets van ‘Abdoellah ibn Mas’oed (moge Alah tevreden met hen zijn) vertelde hij wat de Boodschapper van Allah (moge Allah’s vrede en zegeningen met hem zijn) eens had gezegd over de mensen die zonder geldige reden niet naar het djoemoe’ah-gebed komen. “Ik wou dat ik iemand kon aanstellen om het gebed te leiden, dan zou ik zelf naar de huizen gaan van degenen die het djoemoe’ahgebed zomaar overslaan en ik zou ze in brand steken met de bewoners erin.” (Hadith Moeslim en Ahmad) Een andere hadiets vertelt: “Iemand die drie opeenvolgende vrijdaggebeden overslaat, (bij hem) plaatst Allah een zegel op zijn hart (sluit Hij zijn hart af voor het geloof). (Hadith Ahmad, At-Tirmidzi en Aboe Dawoed)

 

Het belang van het reinigen voor het vrijdaggebed Omdat bij het vrijdaggebed een tamelijk grote groep moslims samenkomt in een grote ruimte, hoort men zorg te dragen voor zijn lichamelijke reinheid. De islam legt nadruk op reinheid.

 

Het is overgeleverd door Salmaan  dat hij heeft gezegd de Rasoellallah  heeft gezegd: “Wanneer een persoon een bad neemt op vrijdag en zichzelf reinigt zoveel hij kan en zijn haren insmeert met olie, of zichzelf insmeert met de parfum in zijn huis, vervolgens op weg gaat (naar de moskee) en (daar) geen twee personen van elkaar scheidt (door tussen hen in te gaan zitten) vervolgens bidt wat er voor hem bepaald is en vervolgens zwijgt terwijl de Imaam spreekt, voor hem zal zeker datgene vergeven worden wat er tussen die vrijdag en de volgende vrijdag plaats vindt.” Hadith Al Boechaarie

 

Het is beter om vroeg naar het djoemoe’ah-gebed te gaan

Aboe Hoerairah (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (moge Allah’s vrede en zegeningen met hem zijn) zei: “Op vrijdag staan de engelen bij de deur van de moskee en schrijven de namen op van de mensen, die binnenkomen voor het djoemoe’ah-gebed, in volgorde van binnenkomst. De eerste groep mensen die de moskee binnenkomt, krijgt een even grote beloning als voor het offeren van een kameel. De mensen die na hen binnenkomen, krijgen een beloning zoals voor het offeren van een koe. De mensen die na hen binnenkomen, krijgen een even grote beloning zoals voor het offeren van een schaap en de mensen die daarna binnenkomen, krijgen de even grote beloning zoals voor het offeren van een kip, een ei enz. Er zijn verschillende beloningen voor mensen, wanneer zij binnenkomen. De engelen gaan door met het opschrijven van de namen van degenen die de moskee binnenkomen, tot het imaam gaat zitten om de Khoethbah te geven. Dan sluiten de engelen hun lijsten en gaan zitten om naar de Khoethbah te luisteren. (Hadith Boekharie en Moeslim)

 

Het gebed voor het vrijdaggebed Als je in de moskee zit te wachten op het djoemoe’ah-gebed, kun je voordat de adzaan is gezegd zoveel nafl-gebeden verrichten als je wilt. Dit zijn twee raka’aat die je altijd hoort te bidden als je een moskee binnenkomt; het is een ‘begroeting voor de moskee’.

Terwijl het gewoonlijk afgeraden is om net voor het Zdoehr-gebed te bidden, is het djoemoe’ah-gebed een uitzondering, omdat je voor de adzaan wel mag bidden. Deze regel is er, omdat de khoethbah meestal direkt na de adzaan begint en er dan dus geen gelegenheid meer is om extra te bidden vóór de khoethbah en het djoemoe’ah-ge­bed. Overigens verschillen de meningen over deze zaak per wetschool. In ieder geval hoor je de ‘tahijjaa-toel-masdjied’ (begroeting van de moskee) te bidden.

 

Het luisteren naar de goetbah (les, preek) Zodra het goetba begonnen is, zitten alle aanwezigen in volkomen stilte te luisteren, zonder ook maar door één woord hun beloning voor het luisteren te verliezen. Als iemand binnenkomt wanneer het khutba al begonnen is, bidt hij eerst twee raka’aat voordat hij gaat zitten luisteren.

 

Djaabir (moge Alah tevreden met hen zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (moge Allah’s vrede en zegeningen met hem zijn) zei, terwijl hij een goetba aan het geven was: “Als iemand van jullie naar het vrijdaggebed komt terwijl de imaam met de Khoethbah bezig is, hoort hij twee raka’aat te bidden en ze niet te lang te maken.” (Hadith Moeslim)

 

Er is een andere hadiets. Djaabir (moge Alah tevreden met hen zijn) vertelde dat er een keer een man naar het vrijdaggebed kwam toen de Profeet (moge Allah’s vrede en zegeningen met hem zijn) een Khoethbah aan het geven was. De Profeet (moge Allah’s vrede en zegeningen met hem zijn) zei hem: “Heb jij gebeden?” “Nee”, antwoordde de man. Toen zei de Profeet (moge Allah’s vrede en zegeningen met hem zijn) “Sta op en bid!” (Hadith Boekharie, Moeslim, Aboe Dawoed en At-Tirmidzi)

 

Als de imam met zijn khutba klaar is, geeft hij de laatkomers de gelegenheid om 2 raka’at soennah te bidden (tahijjaa-toel-masdjied begroeting van de moskee), daarna geeft de imam nog een korte toespraak (goetbah) in het Arabisch waarna hij het djoemoe’ah-gebed leidt. Sommige mensen vinden het ongepast als ze zien dat de laatkomers de soennah bidden terwijl de imam spreekt. Ze vinden dat de imam dan niet gerespecteerd wordt. Dit is onjuist en wordt niet door het gebruiken van de Profeet (moge Allah’s vrede en zegeningen met hem zijn) ondersteund. Het is ook tegenstrijdig aan de ahadiets die hierboven genoemd zijn en de volgende hadiets. Aboe Qataadah (moge Allah tevrden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (moge Allah’s vrede en zegeningen met hem zijn) zei: “Wanneer iemand van jullie de moskee binnenkomt, hoort hij niet te gaan zitten zonder twee raka’aat begroeting van de moskee te bidden.”(Hadith Boekharie en Moeslim) Deze ahadiets verklaren de punten van de foute praktijk die hierboven is genoemd. De imams en ‘oelaamaa die maar de minste vrees voor Allah hebben en respect voor de ahadiets en soennah van de Profeet (moge Allah’s vrede en zegeningen met hem zijn) moeten dit gebruik niet tegenhouden en niet boos worden als een ander 2 raka’at bidt.

 

Hoe verrichten we het vrijdaggebed? Het djoemoe’ah-gebed bestaat uit slechts twee raka’aat. Dit geldt voor het gebed dat verplicht is voor de mannen om gezamenlijk op vrijdagmiddag (Zdoehr-tijd) in de moskee te bidden. De zieken die thuis of in ziekenhuis zijn, verrichten de volle vier raka’aat van het fard Zdoehr-gebed. Als iemand laat in de moskee komt en nog maar één raka’ah met de djamaa’ah (groep) mee kan bidden, moet hij doorgaan met bidden wanneer de anderen de tasliem zeggen. Hij bidt dan nog een raka’ah en sluit dan het gebed af met de tasliem. Als iemand helemaal te laat komt voor het gebed, verricht hij vier raka’aat Zhoehr-gebed. In het djoemoe’ah-gebed leest de imaam wel hardop de Qoer-aanverzen.

 

Het gebed na het vrijdaggebed Het is soennah om na het djoemoe’ah-gebed twee raka’aat te bidden; sommige metgezellen van de Profeet (moge Allah’s vrede en zegeningen met hem zijn) waren gewend om dan vier of zes raka’aat te bidden. Ibn ‘Oemar (moge Allah tevrden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (moge Allah’s vrede en zegeningen met hem zijn) niet bad na shalaa-toel-djoemoe’ah. Pas als hij naar huis ging, bad hij twee raka’aat thuis. (Hadith Boekharie en Moeslim)

 

Aboe Hoerairah (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (moge Allah’s vrede en zegeningen met hem zijn) zei: “Iedereen die na het vrijdaggebed gaat bidden, hoort vier raka’aat te bidden.” (Hadith Moeslim)

 

Athaa zei: Telkens wanneer ‘Abdoellah ibn ‘Oemar (moge Allah tevreden met hem zijn) het djoemoe’ah-gebed in Mekka bad, stapte hij na het djoemoe’ah-gebed een beetje naar voren en bad twee raka’aat, daarna bewoog hij weer wat naar voor en bad vier raka’aat. En wanneer hij in Medinah was, bad hij na het djoemoe’ah-gebed niet in de moskee; hij bad pas twee raka’aat als hij thuis kwam. Toen hem werd gevraagd waarom hij niet in de moskee bad na het djoemoe’ah-gebed, zei hij: “Dit was het gebruik van Profeet Mohammed (moge Allah’s vrede en zegeningen met hem zijn).”

 

Vrouwen en het djoemoe’ah-gebed Het is toegestaan dat vrouwen het djoemoe’ah-gebed bijwonen. Meestal is er een aparte ruimte en ingang in de moskee voor de vrouwen. De vrouwen zitten daar, luisteren naar de khutba en bidden mee. Ze horen de imaam meestal via een microfoon. In het algemeen, wanneer vrouwen in een onafgescheiden ruimte met mannen samen bidden, horen ze zover mogelijk naar achter te gaan staan, de achterste rijen zijn voor hen dan het beste.

 

 

 

Het kwijtschelden van zonden

 

Aboe Hoerayrah heeft overgeleverd dat de Profeet (vrede zij met hem) heeft gezegd: “De vijf dagelijkse gebeden en het ene vrijdaggebed en de volgende, gelden als een kwijtschelding voor de gepleegde zonden (tussen hen), zolang dit geen grote zonden betreft.” (Hadith Moeslim)

 

 

Het is overgeleverd van Aboe Hoerayrah dat de Profeet (vrede zij met hem) heeft gezegd: “Wie de grote wassing verricht en naar het vrijdaggebed komt, het aantal gebeden verricht die Allah voor hem bepaalt, aandachtig luistert naar de vrijdagpreek tot deze voorbij is, dan het gebed(met de imam) verricht; (zijn zonden) tussen het ene vrijdaggebed en het andere en drie dagen erna zullen vergeven worden.” (Hadith Moeslim)

 

 

Imam an-Nawawi heeft gezegd: “De geleerden hebben gezegd dat wat met de vergeving tussen twee vrijdaggebeden en drie dagen erna bedoeld wordt dat de goede daden een tien keer grotere beloning met zich mee brengen. Hij zal dus beloond worden met tien hasanaat voor elk van de goede daden die hij op vrijdag verricht. Sommige van onze metgezellen hebben gezegd, Met ‘wat tussen de twee vrijdaggebeden plaatsvindt’ wordt bedoeld het vrijdaggebed en de preek tot dezelfde tijd de vrijdag erna, zodat het zeven dagen zijn, niet meer en niet minder, dan worden drie dagen toegevoegd om de tien te completeren.”

 

 

Als een persoon naar het vrijdaggebed loopt, ontvangt hij voor elke stap de beloning voor de vasten en het verrichten van het nachtgebed van een jaar.

 

Het is overgeleverd van Aws ibnoe Aws ath-Thaqafi (moge Allah weltevreden zijn met hem) dat de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) heeft gezegd: “Wie de grote wassing verricht op vrijdag en (zijn vrouw) aanspoort tot het verrichten van de grote wassing, vroeg vertrekt, dicht bij de imam komt, stil is en luistert; voor elke stap zal hij de beloning ontvangen voor de vasten en het verrichten van het vrijwillige nachtgebed gedurende een jaar.” (Hadith at-Tirmidhi en authentiek bevonden door al-Albaani)

 

Ibn ul-Qayyim heeft in Zaad ul-Macaad (1/285) gezegd: “ ‘En (zijn vrouw) aanspoort tot het verrichten van de grote wassing’ wil zeggen: het hebben van gemeenschap met zijn vrouw. Dit is hoe het is uitgelegd door Wakiec.”

 

Al-Haafidh Ibnoe Hadjar zegt na het quoten van de overlevering betreffende het deugdzaamheden van het vrijdaggebed: “Hetgeen we hebben geciteerd, duidt op vergeving van de zonden van de ene vrijdag tot de andere vrijdag mits aan alle voorwaarden is voldaan zoals de grote wassing, zichzelf parfumeren, het dragen van mooie kleding, bedeesd en beschaafd lopen, niet over de mensen heenstappen, zich niet duwend tussen de mensen begeven, anderen niet schofferen, het verrichten van het vrijwillige gebed, aandachtig luisteren en het vermijden van zinloze praat.” En Allah weet het best.

 

Taal spreken tijdens de djoemah goetbah; De meest correcte uitspraak over deze kwestie is dat het niet toegestaan is voor de prediker om khoetbat al-joemoecah (vrijdagpreek) in een taal te geven die de aanwezigen niet begrijpen. Als de aanwezigen geen Arabieren zijn en zij de Arabische taal niet beheersen, dan dient de khatieb (prediker) in hun taal te preken om het publiek duidelijk te maken wat hij wil zeggen. Het doel van khoetbat al-joemoecah is dat de prediker de grenzen van Allah de Verhevene voor de mensen verduidelijkt en de Islamitische richtlijnen kenbaar maakt.

 

De verzen van de Koran dienen echter in het Arabisch voorgedragen te worden. De interpretatie hiervan mag wel in de taal gegeven worden die het publiek spreekt. Het bewijs voor het feit dat het toegestaan is te preken in de taal die het volk begrijpt staat in het volgende Koranvers:

 

“En Wij hebben geen Boodschapper gezonden, of (hij sprak) de taal van zijn volk, om hen een duidelijke uitleg te geven.” (Soerat Ibrahiem: ayah 4)

 

Hier geeft Allah aan dat de verduidelijking van Zijn Boodschap slechts plaatsvindt door het volk toe te spreken in de taal die zij verstaat.

 

Source:

Translate »